dinsdag 4 februari 2014

Rainer Maria Rilke

De Duitse dichter Rainer Maria Rilke schreef tussen 1903 en 1908 zijn Briefe an einen jungen Dichter. Hierin gaf hij de tamelijk onbekend gebleven, jonge dichter Franz Xaver Kappus raad: over poëzie, liefde en gevoelens van angst.

De brieven behoren voor mij tot de mooiste werken in de Duitse taal. Ze zijn even poëtisch als filosofisch, en bevatten zowel diepe wijsheden als concrete voorstellen die je helpen om moeilijke momenten in je leven het hoofd te bieden. 
 
En u moet niet schrikken als er voor u een verdriet opdoemt, zo groot als u nog nooit eerder hebt gezien; als er zoals licht en wolkenschaduwen een onrust over uw handen komt en over uw hele doen en laten. U moet denken dat er iets met u gebeurt; dat het leven u niet heeft vergeten; dat het u in zijn hand houdt; het leven zal u niet laten vallen.

We hebben geen reden, om wantrouwen tegenover onze wereld te hebben, want ze is niet tegen ons. Heeft zij angsten, dan zijn het onze angsten, heeft zij afgronden, dan horen deze afgronden bij ons, zijn er gevaren, dan moeten we proberen van ze te houden.