donderdag 20 oktober 2011

De herinneringscultuur van de Tweede Wereldoorlog

In november 2010 hield het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie het congres De herinneringscultuur van de Tweede Wereldoorlog. Een aantal lezingen is nu verschenen in het tijdschrift Biografie Bulletin. De onderzoekers gaan in op (auto)biografieën in en na de oorlog, en de begrippen ‘goed’ en ‘fout’:
- Benien van Berkel: De autobiografie van een landverrader
- Joke Corporaal: Het gecensureerde leven van Anne Wadman (1919-1997)
- Jerker Spits: Herinnering als provocatie. De autobiografieën van Christa Wolf en Thomas Bernhard

vrijdag 14 oktober 2011

Recensie van Ellen Heijmerikx, Wij dansen niet

Als Janne en IJze op een woensdagmiddag uit school komen, is de radio verdwenen van het dressoir. De platenspeler is weg, en een spreuk in een lijst verkondigt: ‘De Here is mijn herder, mij ontbreekt niets’. Als het gezin in Ellen Heijmerikx’ roman zich bekeert tot het behoudende christendom, verdwijnen strikken van jurken en mag Janne niet langer meedoen aan toneelstukken en danslessen: ‘Wij dansen niet’. In de moestuin begraven Janne en IJze hun oude kleding. Janne en haar oudere broer spelen na wat zij de ‘broeders’ hebben zien doen: ‘Eerst leer je het verschil zien tussen goed en kwaad en daarna leg je alles wat kwaad is af. Dat doe je uit, zoals je een jas uitdoet. Dan word je een nieuw mens. Een mens zonder zonden. Een zegen voor je omgeving.’

De hele recensie lees je hier.

donderdag 6 oktober 2011

Recensie van Mathijs Deen, Brutus heeft honger

Brutus heeft honger telt 96 bladzijdes: 44 miniaturen van zo’n anderhalve bladzijde, waarin Mathijs Deen een historisch personage verbindt met een maaltijd. Hij voert als personages in deze kleine close-ups van de geschiedenis onder andere Adam, Brutus, Karel de Grote en Willem van Oranje op, maar ook een anonieme toeschouwer in een Romeinse arena, een tamboer in het Rampjaar 1672 en een boerenzoon die het oog van Johan de Witt inslikt.

De hele recensie lees je hier.

dinsdag 13 september 2011

Buddenbrookhaus uitgebreid

Het Buddenbrookhaus in Lübeck wordt opgeknapt en uitgebreid.

Het huis was de locatie voor Thomas Manns roman Buddenbrooks. In die roman schildert de Duitse schrijver verval en ondergang van een koopmansfamilie. Het huis is een van de bekendste literaire musea van Duitsland en trekt jaarlijks 60.000 bezoekers.

Thomas Mann en Lübeck
Thomas Mann verliet Lübeck in 1896 en woonde achtereenvolgens in Italië, München, Californië en Zwitserland. In zijn essay Lübeck als geistige Lebensform schreef hij dat Lübeck "von Anfang bis zu Ende in meiner ganzen Schriftstellerei zu finden ist, sie entscheidend bestimmt und beherrscht”.

Klassikerpflege in Duitsland
Door aankoop van het aangrenzende pand wordt de tentoonstellingsruimte van het Buddenbrookhaus twee keer zo groot. Het Buddenbrookhaus kent permanente tentoonstellingen over de familie Mann en de roman Buddenbrooks (1901). Lübeck kent naast het Buddenbrookhaus een Willy-Brandt- en een Günther-Grass-Haus. Ook het Literaturarchiv in München wordt uitgebreid en krijgt de mogelijkheid een permanente tentoonstelling te organiseren. Het Literaturarchiv beheert de literaire nalatenschap van Klaus en Erika Mann.

Brede belangstelling
De belangstelling voor de familie Mann blijft in Duitsland onverminderd groot. De literatuurcriticus Heinrich Breloer stelde een driedelige televisieserie samen en vertaalde Buddenbrooks in 2008 naar het witte doek: een kostuumdrama waarin computeranimaties het oude Lübeck tot leven brengen.

woensdag 27 juli 2011

Taxi Driver in Leicester

Een fijne leeservaring, David Pefko's tweede roman Het voorseizoen. De recensie vind je hier.

woensdag 13 juli 2011

Recensie van Janwillem Slort, Terwijl jij slaapt

Op de website van Passionate is mijn recensie verschenen van Janwillem Slort, Terwijl jij slaapt.

zaterdag 9 juli 2011

Thomas Mann en de sint-vitusdans

Voor veel Duitse schrijvers aan het begin van de twintigste eeuw was de Duitse Kultur ver verheven boven de Westerse Zivilisation. Engeland was het land van handelaren, Frankrijk van debatterende democraten, Duitsland was het land van dichters en denkers. Het land mocht economisch en politiek laat tot bloei gekomen zijn; het had één ding voor op alle andere naties: zijn cultuur, die diepzinniger, woester en ontembaarder was.

Thomas Mann behoorde tot de schrijvers die de tegenstelling tussen Kultur en Zivilisation omarmden. ‘Kultur is geslotenheid, stijl, vorm, houding, smaak. Cultuur kan orakel, magie, pederastie, Vitzliputzli, mensenoffers, orgiastische cultvormen, sint-vitusdans, inquisitie, autodafe, heksenprocessen, gifmoord en de meest bonte gruweldaden omvatten. Civilisatie echter is verstand, verlichting, verzachting, beschaving, scepticisme, ontbinding.’

Kultur kon dus ook best barbaars zijn. Door de opkomst van de nazi’s veranderden Manns gedachten. Kultur en Zivilisation werden beide een remedie tegen de Barbarei. Over die ontwikkeling in Manns werk heeft de Zwitserse germanist Philipp Gut een boeiende studie geschreven. Thomas Manns Idee einer deutschen Kultur is een bewerking van Guts proefschrift uit 2006. Het geeft niet alleen een goed beeld van Thomas Mann, maar ook van de Duitse politiek en cultuur in de twintigste eeuw, waarvan de schrijver een voornaam exponent was.